Het aantal nieuwe start-ups in Nederland neemt nu al twee jaar af. Er worden wel relatief veel AI-bedrijven opgericht in Nederland. Maar vergeleken met andere Europese landen groeien weinig AI-start-ups echt door tot zogenoemde scale-ups.

Vandaag is een nieuw rapport verschenen over de stand van de Nederlandse techsector: State of Dutch Tech 2026. Daarin schrijven de onderzoekers dat Nederland alles in huis heeft om op wereldschaal te concurreren, maar dat we nu nog vooral zijn ingericht op snelle groei van digitale diensten en niet voor kapitaalintensieve en strategische technologie.

Start-ups zijn dynamisch en ingesteld op snelle groei. Ook opereren en concurreren zij internationaal. Om verder te groeien, hebben de Nederlandse AI-start-ups veel geld nodig. Opvallend genoeg komt driekwart van de investeringen uit het buitenland. Een groot deel daarvan uit de VS.

Kapitaal

Jelle Prins is medeoprichter van het biotechbedrijf Cradle, dat AI gebruikt om eiwitten te ontwerpen, bijvoorbeeld voor nieuwe medicijnen. Hij is ook een van de initiatiefnemers van het onlangs gelanceerde Nationaal AI Deltaplan, waarin tech-ondernemers oproepen om vol in te zetten op AI. Prins vindt dat Nederland achter de feiten aanloopt. “Alsof we met onze klompen door de modder moeten rennen. We gaan langzamer dan andere landen, terwijl we het kapitaal hebben en het talent.”

Volgens het rapport heeft Nederland zelfs de hoogste AI-talentdichtheid van Europa en dat wordt een unieke uitgangspositie genoemd. “De volgende stap is dit talent beter te koppelen aan schaalbare bedrijven”, schrijven de onderzoekers.

Prins pleit voor meer investeringen met binnenlands kapitaal, vooral in de opschaalfase. Bijvoorbeeld door grote pensioenfondsen en succesvolle ondernemers. “Investeer niet alleen in Amerikaanse tech, maar kijk ook naar Nederland.”

Naast een tekort aan kapitaal werkt juist een teveel aan regels de start-ups tegen, zegt Prins. “Het duurde vijf maanden voordat wij een bankrekening kregen.” Maar ook regels op de arbeidsmarkt werken in het nadeel van beginnende bedrijven, vindt Prins. “Je kunt niet makkelijk van personeel af, als dat moet. En dat zijn echt geen zielige medewerkers hoor. Die verdienen vaak tonnen. Ik wil het sociale vangnet niet slopen, maar maak voor deze mensen zogenaamde elitecontracten. Zodat je ze makkelijker weg kunt sturen, ze geen concurrentiebeding hebben en meteen weer ergens anders aan de slag kunnen.”

Prins’ bedrijf is niet alleen in Nederland, maar ook in Zwitserland gevestigd. “Daar regel je in 24 uur een werkvergunning. Dat is cruciaal als je toptalent najaagt. Voor ons is het makkelijker om mensen in Zwitserland aan te nemen.”

Econoom Mathijs Bouman:

“Relatief weinig Nederlandse start-ups groeien door. Dat komt omdat er te weinig risicodragend kapitaal is. Als succes niet is verzekerd, durven investeerders in Nederland de risico’s niet makkelijk aan.

In het coalitieakkoord staan wel versoepelingen van ontslagregels en is er een plan voor een nationale investeringsinstelling met vele miljarden. Dat is in ieder geval gunstig nieuws voor de sector.”

Europa wil iets doen aan het oerwoud aan regels. In 27 lidstaten gelden nu 27 verschillende rechtssystemen. Dat moet EU Inc (European Incorporated Company) gaan veranderen. Een plan voor minder administratieve rompslomp bij grensoverschrijdend ondernemen binnen de EU. Daarmee kan een ondernemer binnen 48 uur en zonder kapitaal en tussenkomst van een notaris een Europese vennootschap oprichten.

Voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, gaf haar steun aan EU-INC, drie weken geleden op het World Economic Forum in Davos. Voor de initiatiefnemers ervan is het de eerste stap naar een Europese Silicon Valley.

Maar er woedt in Nederland ook een levendig debat over de ontwikkeling van AI. Tegenstanders van een Europese Silicon Valley waarschuwen voor een AI-hypeen voor onomkeerbare investeringen in risicovolle technologieën. Ook bestaat de angst dat er te weinig oog is voor sociaal-maatschappelijke belangen en dat Europese bedrijven uiteindelijk toch eindigen in Amerikaanse handen.

Ondernemen vanuit tuinhuis

Een groot Nederlands AI-bedrijf, is Weaviate. Dat ontwikkelt software dat het brein van AI-modellen traint. De man erachter is de voormalig jazzmuzikant Bob van Luijt, die al op z’n 15e begon met ondernemen. Nu runt hij zijn bedrijf met 75 medewerkers en een waarde van naar schatting 200 miljoen euro voornamelijk vanuit zijn tuinhuis in Amsterdam.

Van Luijt komt met een tegengeluid. “Het grootste struikelblok voor techondernemers in Nederland zijn de ondernemers zelf. Daar begint het. Het is makkelijk om een rapport te nemen en dan te zeggen van oh, er is niet genoeg geld en dit is er niet en dat niet. Maar de realiteit is dat heel veel mensen gewoon niet beginnen.” Overigens is het bedrijf van Van Luijt op papier inmiddels Amerikaans. Net als de meeste van zijn klanten én investeerders.